Protestantse Gemeente Odijk


Mensen vangen

Ds. K.F. Visser
07-02-2016

Lezing(en): Lucas 5: 1-11


Gemeente van Christus,

Onlangs las ik een boeiend boek. Het boek van prof. Stefan Paas, hoogleraar aan de theologische universiteit van onze kerken. Professor Paas geeft het vak Missiologie, zendingswetenschappen.
Het gaat in dat boek over de vraag hoe wij als kerken en kerkmensen bruggen kunnen slaan naar andersdenkenden. Wij leven in een cultuur waar het christelijke gedachtegoed steeds meer in een minderheidspositie komt. De kerken werven nauwelijks nieuwe leden. De groei is er uit. Hooguit is er sprake van een opwekking bij de evangelische geloofsgroepen en bij migrantenkerken, maar de gevestigde kerken hebben het zwaar wat dat betreft. Hoe dat komt en wat er aan te doen is, daarover schrijft prof. Paas zijn boek, Vreemdelingen en Priesters, christelijke missie in een postmoderne omgeving.

Hij schrijft:
"Een tijd geleden sprak ik iemand die was teruggekeerd van een jarenlang verblijf als zendingswerker in een Afrikaans land.
Terug in Nederland was hij betrokken geraakt bij evangelisatieactiviteiten van zijn kerk. Toen we daarover in gesprek raakten, verzuchtte hij: ‘In Afrika was het heel gemakkelijk om te zien tegen welk kwaad we moesten vechten. Ik kon ertegen preken, ik kon het aanwijzen, en ik kon structuren bouwen om het in te perken. Ik kon mensen laten zien hoe Jezus een verschil kon maken voor hen. Maar hier in Nederland, is het zo moeilijk om te zien wat het kwaad is. Er is zo weinig om te verbeteren, zo weinig dat Jezus voor ons kan doen’."

Dat citaat raakte mij. Het legt misschien wel de vinger bij de zere plek. Geloven zou iets moeten hebben van noodzaak. Je hebt het geloof nodig omdat je zoveel tekort komt, omdat er zoveel beter gemaakt of verbeterd moet worden. Ergens moet voor gestreden kunnen worden: kwaliteit van leven, rechtvaardige verhoudingen, democratie, armoedebestrijding, machtsongelijkheid, corruptie… daar bewijst het christelijk geloof juist haar betekenis, haar waarde. Maar waar dat niet meer dringend nodig is, daar loopt het blijkbaar leeg. Het christendom is in dit deel van West-Europa niet meer vanzelfsprekend, want niet meer zo nodig. Prof. Paas schrijft daarom: ‘Het christendom maakt een culturele ballingschap mee’.

Hoezo - vraagt hij zich af en ik met hem - zouden we dan nog mensen moeten werven? Mensen vangen? Volgelingen zien te krijgen, bekeerlingen…..als er praktisch niemand meer is, die daar nog oren naar heeft.

Wat moeten we aan met die opdracht die Jezus aan Petrus geeft: ‘Voortaan zul je geen vissen meer vangen, maar mensen!’ Dat is je roeping. De school van leerlingen moet vol! Mensen winnen voor het evangelie!

Het wonder van die grote visvangst was dus een gelijkenis geweest. Een opstap naar het echte doel, waar Petrus zijn leven aan zou moeten geven: mensen vangen! Mensen werven voor het Koninkrijk van God.
De grote visvangst was nog maar een beeld geweest van het echte werk!

Want het was ook heel vreemd gegaan, toen het nog over vissen ging. Niet normaal meer. Aan de oever van het meer had Simon Petrus gezeten met zijn makkers. Ze hadden niks gevangen in de voorbije nacht. En dan zegt Jezus ineens: ‘Vaar naar diep water en gooi je netten uit om vis te vangen’.

Dat bestond eenvoudig niet. Overdag viel er sowieso niks te vangen. En al zeker niet in diep water. Vissen deed je ’s nachts als de vissen de koelte kwamen opzoeken aan de oppervlakte. Dan had je kans.
Maar het was die nacht helemaal niet gelukt. Wat Jezus zegt, is niet te doen. Die opdracht kan gewoon niet uitgevoerd worden. Zinloos. Jezus staat buiten de werkelijkheid, dat weet een beroepsvisser als Simon Petrus als geen ander. Het is een onmogelijke opdracht. Dit gaat niks opleveren!

Of moet je zeggen, dat zo iets eigenlijk geldt voor alles wat Jezus of God van ons vraagt in de bijbel? Het lijkt meestal op het eerste gezicht tamelijk eenvoudig, maar zo simpel is het niet.
Denk maar aan de tien geboden: niet stelen, niet bedriegen, geen vals getuigenis afleggen, niet jaloers zijn op de spullen van een ander. Of denk aan wat Jezus zegt in de Bergrede: de andere wang toekeren, je vijanden liefhebben, niet één maar twee mijl gaan met een onmogelijk persoon, wees barmhartig zoals jullie Vader in de hemel barmhartig is, niet oordelen, eis niks terug als iemand je iets heeft afgenomen.
Het lijkt eenvoudig, maar doe het maar eens…! Onmogelijke opdrachten zijn het! Dan merk je in onze wereld, dat het echt niet gaat, dat het echt zo simpel niet kan!
Het lijkt zo vanzelfsprekend als Jezus tegen Petrus zegt: ‘Ga naar diep water en gooi je netten uit om vis te vangen’. Maar het slaat eigenlijk nergens op. Het is dwaas om zo’n opdracht te gaan uitvoeren.

Daarom is het eigenlijke wonder in dit evangelie niet dat er uiteindelijk veel vis gevangen wordt, maar dat Simon Petrus gaat. Het kon helemaal niet. Hij weet het als geen ander. Dwaas. Vreemd. Niet van deze wereld. Maar hij gaat wel.‘Op uw woord, zal ik de netten uitzetten’, zegt hij. Het is volslagen onlogisch, maar op de één of andere manier gaat hij toch. Dat kun je het echte wonder noemen, vind ik.

Simon, doe je werk!, zegt Jezus. Ook al lijkt het nergens op. Ook al denk je dat het niks opleveren zal. Dat het zinloos is, gekkenwerk. Doe het toch maar. Ga toch maar weer het water op.
Ik zou het zo kunnen vertalen naar onszelf toe: Investeer toch maar weer op die plekken waar je het hebt laten varen…. Geef er toch maar weer je tijd aan, je energie, je inzet. Doe het nou maar weer, ook al heb je op voorhand het gevoel dat het zinloos is. Maak toch maar weer tijd voor je gezin, voor je kinderen, ga er toch maar eens voor zitten, voor dat gesprek dat je al zolang uit de weg ging. Zet je er toch maar weer overheen, die onmogelijke klus op je werk. Probeer het toch maar weer. Schrijf die brief die je al zo lang had willen schrijven. Neem toch maar even de telefoon om die ene te bellen, waar je eigenlijk geen zin in hebt.
Doe het toch maar, die taak in de kerk, al heb je het gevoel dat het maar weinig zoden aan de dijk zet. Spendeer er toch maar je tijd aan, wie weet wat er kan gebeuren.
Niet omdat je het allemaal uit jezelf haalt. Je doet het om die stem, die tot je spreekt. Die je geweten aanspreekt. Je hart raakt. Het lijkt weggegooide tijd, verspilde moeite, maar je doet het toch, omdat er ergens dat woord klinkt, dat woord van gezag.

De roeping van Simon Petrus is niet gebaseerd op zijn eigen kunnen – hij weet op voorhand wel beter, denkt hij en geef hem eens ongelijk -, maar op ‘uw woord’. ‘Als U het zegt, zal ik gaan!’ Wonderlijk, vind ik, wonderlijk diepzinnig.

En let op wat er dan in dit evangelie beschreven wordt. Tegen ieders verwachting is, vullen de netten zich met vis. De netten dreigen te scheuren zelfs, de boten zinken bijna onder hun last. Het is veel te veel eigenlijk. Dit is – zou je kunnen zeggen - de humor van de bijbel. Het is de genade van God. Overweldigend groot. En Petrus zakt op z’n knieën. Dit is voor hem teveel van te goede. Hij kan het niet aan. ‘Heer, ga uit van mij!, roept hij. Het voelt blijkbaar alsof Jezus helemaal beslag op hem heeft gelegd. Alsof hij zo vol is van Jezus, dat hij er zelf in onder dreigt te gaan. Het drukt op zijn gevoel. Hij had nooit gedacht dat het zo wonderlijk zou uitpakken.

Natuurlijk wilde hij best wel wat vangen, op eigen houtje, naar eigen verdienste, maar nu moet hij tot het inzicht komen, dat het buiten hem om is gegaan. En hij voelt zich de mindere en het valt hem zwaar tegen. ‘Ga weg van mij, want ik ben een zondig mens’, zegt hij. Het wonder heeft hem klein gemaakt, haast vernedert zelfs. Als beroepsvisser is hij overtroeft door een prediker nota bene. Dat is wel heel bizar. Hij moet zich gewonnen geven, en dat valt hem zwaar. En wij voelen het met hem mee.

Daarom is de grote visvangst in dit evangelie een gelijkenis. Waar het echt om gaat, komt nu.
‘Wees niet bang, Simon, vanaf nu zul je mensen vangen!’ Daar is het allemaal om te doen, daar is het om begonnen.

Mensen vangen. En nou wij weer.
Heb ik het mis, voelt dat ongemakkelijk aan onze kant? Wij doen de grootste moeite om het ledental van onze kerken op orde te houden. Er is al vele jaren sprake van een daling, van krimp.
Voor ons is de spannende vraag hoe we die achteruitgang kunnen stoppen.
Aan het werven van nieuwe leden besteden we noodgedwongen nauwelijks aandacht.

Sterker nog. We zijn zielsgelukkig als de Aktie Kerkbalans zo positief uitpakt. Dat we het kerkelijk leven nog redelijk op orde kunnen houden.
Maar dat mag niet verbloemen dat we ook weten van de moeite om het geloof door te geven aan een nieuwe generatie.
Hoeveel jonge ouders doen hun uiterste best om het geloof over te dragen op hun kinderen en jongeren?

Het is allang niet meer vanzelfsprekend dat kinderen in de voetstappen van hun ouders treden als het gaat om geloof en kerkelijke betrokkenheid. De generatievervanging is goeddeels voorbij. Hoezo dan evangelisatie? Nieuwe leden werven, mensen van buitenaf… als we alle zeilen moeten bijzetten om het bestaande ledenbestand te handhaven?
En daar komt nog wat bij. We hebben afscheid genomen van een praktijk die we bij nader inzien zijn gaan wantrouwen. Zieltjeswinnerij, bekeringsijver, we hebben het er niet zo op. We gaan niet de straat op of de deuren bij langs met het preekpistool: Geloof of ik schiet. We zwijgen eerder dan dat we spreken, als we eerlijk zijn.

Prof. Paas in zijn boek noemt een sprekend voorbeeld:
Ergens werd door een kerk een activiteit opgezet waarin daklozen een gratis maaltijd konden krijgen. Maar voorafgaand aan die maaltijd, was er een bijbelstudie met een praatje. Om soep te krijgen, moesten de bezoekers deze vorm van evangelisatie eerst uitzitten.

Prof. Paas schrijft erbij: Naar mijn idee maakten de missionaire werkers hier misbruik van de afhankelijkheid van de daklozen, hoe goed hun bedoelingen ook waren. Het heeft met macht te maken en deze vorm van macht strookt niet met de stijl van het evangelie.

Maar hoe dan wel? Kan de kerk ook weer gaan groeien? En moet de kerk dan veranderen?
Dat zijn de vragen die ertoe doen, lijkt me.

Maar voor het ons in een nieuwe kramp doet schieten – de kramp van iets onmogelijks, onhaalbaars – is een relativering op zijn plaats. En dan gaat over aantallen en over uitvoerders.

Eerst over die aantallen. In de lange Europese geschiedenis is de periode van massale kerkgang eerder een uitzondering dan regel geweest. Hooguit tussen 1850 en 1950 was daar sprake van. Alle overige eeuwen was er slechts een kleine, actieve minderheid die de kerk gaande hield ten bate van de grote meerderheid. Er is wel wat aan de hand tegenwoordig, maar aantallen zijn betrekkelijk.

Wat veel meer in het oog springt is de geringe invloed van de kerk in de samenleving in onze tijd. Als we naar het verleden kijken, mogen we zeggen dat verreweg de meeste sociale voorzieningen, gezondheidszorg, onderwijs waar wij in onze samenleving over mogen beschikken, de vruchten van de kerk zijn. Toen de kerk nog volop invloed op de samenleving had. Dat is helaas vrijwel voorbij. Er is heel veel bereikt door de kerk; weinigen weten het misschien nog, maar we mogen er God dankbaar voor zijn.
De vraag is wat de kerk nu moet, nu in deze tijd, nu die invloed zeer gering is.

We zouden ons niet moet blindstaren op aantallen, op groei zondermeer. Op dit moment in onze geschiedenis is niet realistisch om op grote aantallen nieuwe kerkleden te mikken.
Mensen vangen, dat doen we door aandacht te geven, door relaties aan te gaan, zinvolle één op één contacten, waarin we soms ook van ons geloof kunnen getuigen, nooit opdringerig, eerder bescheiden.

En dan nog gaat het bij ‘mensen vangen’ vooral om mensen opvangen, bijstaan in hun nood, in hun levenssituatie, met hun levensvragen en noden. Meeleven op een hartelijke manier met je buren, die niks hebben met kerk of geloof.
Het is goed om er echt op te letten.
Jezus gebruikt drie keer gewoon het woord ‘vissen’ voor vissen als vakterm in zijn gesprek met Petrus. Hier als het gaat over ‘mensen vangen’, gebruikt Jezus net een ander woord.
Dat betekent: levend aan land brengen, opvangen, optillen, uit een benarde situatie helpen, puur uit liefde, belangeloos omzien naar de ander…. en als we dat bedenken weten we dat het dichtbij om enkele mensen gaat, die ene man of vrouw, of kind… die ene groep die het onderspit dreigt te delven. Het gaat er persoonlijk aan toe.
Gelukkig zegt Jezus, dat er in de hemel blijdschap zal zijn over één zondaar die zich bekeert. Dat gaat niet meteen over tienduizenden! We hoeven geen frustraties op te lopen als het gaat om de teloorgang van de kerk of onze zorgen over de toekomst van de kerk. Het zit niet in aantallen, maar in het karakter van onze persoonlijke contacten.

En dan gaat het dus over de uitvoerders. Ik vind het eerlijk en troostend om te weten dat diezelfde Simon Petrus even groots was als wankelbaar. Hij laat alles achter om Jezus te volgen, maar nog geen paar hoofdstukken verder is zijn vertrouwen toch weer geslonken.
Dapper loopt hij over het water naar Jezus, maar hij hoeft maar even te twijfelen of hij zinkt als baksteen. Hij gaat met Jezus de berg op, wil er wel voor altijd blijven, met zijn hoofd in de wolken. ‘U bent de Christus’, kan hij diepgelovig uitroepen, maar het is diezelfde Petrus die Jezus ook verloochende en in de steek liet. ‘Ik ken Hem niet’, zei hij toen het erop aan kwam.
Dat maakt hem menselijk. Dat haalt voor mij de kramp eraf om altijd en overal even sterk te moeten zijn. We zijn maar mensen en we doen wat we kunnen.

Waar het wel om gaat? Mensen vangen is mensen opvangen, omvangen, vasthouden, begrijpen, moed geven, meeleven, mensen voor het leven zien te behouden.

Prof. Paas zegt: We zijn vreemdelingen geworden in deze wereld. Dat was al zo voor het oude Israël in ballingschap. Vreemd durven zijn, een beetje dwaas, voelen dat we zwak zijn, machteloos, maar niet hopeloos. Anders dan de rest willen zijn, want we hebben Christus leren kennen. We horen zijn stem: ‘Ga naar diep water en gooi daar je netten uit’.

Wie weet of je wat vangt?
Weet wel, jij bent in opgenomen in die beweging van God, van Zijn grote liefde, zijn vangnet van liefde. En hoe meer jij gevangen wordt, hoe meer je ook zelf gaat vangen.

Amen.

Overzicht preken

08-07-2018
Jona 4

01-07-2018
Jona 2 en 3

24-06-2018
Jona 1

03-06-2018
Mensen boven regels

27-05-2018
Zondag Trinitatis

20-05-2018
Pinksteren

13-05-2018
Wezenzondag

10-05-2018
Hemelvaartsdag

22-04-2018
De goede herder

15-04-2018
Petrus

01-04-2018
Paaspreek
(Pasen)


25-03-2018
Een koning zonder troon
(Palmzondag)


18-03-2018
De graankorrel

11-03-2018
Delen
(Oecumenische dienst Veertigdagentijd)


18-02-2018
Verzoeking in de Woestijn

11-02-2018
Eenzaam, tweezaam

28-01-2018
Van een leer word je nog geen leerling

14-01-2018
Bruiloft in Kana

31-12-2017
Oudejaarsdienst

25-12-2017
Kerstmorgen
(Eerste Kerstdag)


24-12-2017
Kerstnacht
(Kerstnachtdienst)


17-12-2017
Woestijnroos
(Derde advent)


10-12-2017
Jesaja's vredesvisioen
(Tweede advent)


03-12-2017
Voorbereiden op Kerst
(Eerste advent)


26-11-2017
Houdt uw lamp brandende
(Eeuwigheidszondag)


12-11-2017
Kinderen van het licht

05-11-2017
Dankdag

29-10-2017
Een vaste burcht is onze God

08-10-2017
Jaloezie
(Jeugddienst)


01-10-2017
Israëlzondag

24-09-2017
Zorgen moet je doen niet maken

17-09-2017
Vredeszondag
(Oecumenische dienst)


10-09-2017
Zacheüs
(Startzondag)


27-08-2017
De farizeeër en de tollenaar

20-08-2017
Waarom zou ik naar de kerk gaan?

13-08-2017
Denken over danken

02-07-2017
Het verloren muntje

18-06-2017
Rijke man en arme Lazarus

28-05-2017
Ruth 4

21-05-2017
Ruth 3

14-05-2017
Ruth 2

07-05-2017
Ruth 1

16-04-2017
Pasen

09-04-2017
Palmzondag

26-03-2017
Genezing blinde

12-03-2017
Verheerlijking op de berg

05-02-2017
Zout en licht

29-01-2017
Zaligsprekingen

15-01-2017
Oecumene
(Oecumenische dienst)


08-01-2017
Wijzen uit het Oosten

30-12-2016
Oudejaarspreek
(Oudjaarsdienst)


25-12-2016
Kerstmorgen
(Eerste Kerstdag)


24-12-2016
Kerstnacht
(Kerstnachtdienst)


11-12-2016
Derde zondag van Advent
(Derde advent)


27-11-2016
Eerste zondag van Advent
(Eerste advent)


20-11-2016
De namen op de zuil
(Eeuwigheidszondag)


13-11-2016
Johannes de Doper

06-11-2016
Jona
(Jongerendienst)


02-10-2016
Israëlzondag

25-09-2016
Bethel

11-09-2016
Deel je leven
(Startzondag)


04-09-2016
Waar je mee omgaat...

21-08-2016
Zorg dat je d’r bijkomt!

14-08-2016
Psalm 5: een psalm in oorlogstijd

03-07-2016
Zorgeloos leven?

26-06-2016
De esculaap

19-06-2016
Bloeiend leiderschap

12-06-2016
Tussen angst en vertrouwen

29-05-2016
God in de wolken

22-05-2016
Vervolgde Christenen

15-05-2016
De Geest
(Pinksteren)


24-04-2016
Esther 5, 6 en 7

17-04-2016
Esther 3 en 4

10-04-2016
Esther 1 en 2

27-03-2016
Eerst geloven, dan zien!
(Eerste Paasdag)


20-03-2016
Het nieuwe verbond
(Palmzondag)


13-03-2016
Jezus, de Hoeksteen
(Oecumenische dienst)


06-03-2016
Een vader had twee zonden
(Vierde zondag veertigdagentijd)


14-02-2016
De bruggenbouwer
(Eerste zondag veertigdagentijd)


07-02-2016
Mensen vangen

31-01-2016
Optreden van Jezus in Nazareth

10-01-2016
Dochtertje van Jaïrus
(Jongerendienst)


31-12-2015
De onvruchtbare vijgeboom
(Oudjaarsdag)


25-12-2015
Vrede op aarde?
(Eerste Kerstdag)


24-12-2015
De nacht van de hoop
(Kerstnachtdienst)


13-12-2015
Maria en Elisabeth
(Derde advent)


06-12-2015
Heilig Kind
(Tweede advent)


29-11-2015
Wees niet bang!
(Eerste advent)


22-11-2015
Valsheid tegenover oprechtheid
(Eeuwigheidszondag)


08-11-2015
Zondagsrust
(Dankuur voor gewas en arbeid)


01-11-2015
‘Hoe heet je?’
(Doopdienst)


11-10-2015
De rijke jongeman

04-10-2015
Mozes en Jezus
(Israëlzondag)


02-10-2015
En Jezus schreef in ’t zand
(Oecumenische Seniorenviering)


27-09-2015
Psalm 8

20-09-2015
Achab en Nabot
(Vredeszondag)


13-09-2015
De barmhartige Samaritaan
(Startzondag)


23-08-2015
Tien keer onafscheidelijk

16-08-2015
Effata! Ga open!




Zeisterweg 34, 3984 NL ODIJK

Ds. K.F. Visser (tel 030-8780698), email:
Mw. P. Beumer-de Gier (scriba), email:

disclaimer